Viering 22 februari 2022
Thema: De dochter van Jefta

Welkom, mededelingen
De paaskaars wordt aangestoken
Zingen: Dit huis vol mensen
Inleiding op de viering
Wie van jullie kent het verhaal van de dochter van Jefta? Ik denk bijna niemand, het staat ook niet in een kinderbijbel. Het is een ‘ongehoord’ verhaal, ongehoord omdat het niet bekend is en ongehoord omdat het een schandalig verhaal is. Twee jaar geleden hoorde ik dit verhaal via een streaming uit de Goede Herderkerk. Het was een gezamenlijke dienst van drie kerken met drie predikanten en in de serie van “ongehoorde” verhalen was de dochter van Jefta aan de beurt. Hester Smits een van de predikanten schreef een brief van de dochter aan haar vader. Het was een geweldige brief en ik was onder de indruk. De brief horen jullie straks, we mogen het gebruiken in onze viering!
Even kort waar het verhaal over gaat: Jefta, een richter en legeraanvoerder, doet een belofte aan God. Als God hem laat winnen in de slag tegen de Ammonieten, zal Jefta het eerste offeren dat hij bij zijn thuiskomst tegemoet komt. Het is zijn dochter…
Hij presteert het zelfs om haar hiervan de schuld te geven. Zij pleit ervoor om twee maanden met haar vriendinnen de bergen in te gaan. Om het feit te betreuren dat ze nooit een man zal krijgen.
Als ze daarna terugkomt, offert Jefta haar.
Wat vind jij daar van?
Voor de vuist weg: drie korte reacties
Was eigenlijk neutraal zoals ik de bijbel altijd gelezen heb. Jefta doet een belofte aan God, hij staat namelijk zelfs vermeld in het rijtje met geloofshelden. En over mensen uit de bijbel niets dan goeds toch? Maar naar aanleiding van jullie reacties kreeg ik een raar gevoel. Kun je wel zulke woorden gebruiken voor mensen in de bijbel. Het zet mijn beeld op de kop en ik ben er nog niet helemaal uit. Maar ik realiseer me ook dat de mensen in die tijd gewoon mensen zijn, net zoals wij en zeker geen heiligen!
Verontwaardig en boos, hoe kun je als vader dit doen: een kind opofferen en haar ook nog de schuld geven dat ze jou als eerste tegemoet komt na jouw overwinning op het strijdveld. En dan ook nog dit offer ten uitvoer brengen.
Jefta is een ongelooflijke, gestoorde en misdadige ploert, een klootzak. Een vader die zijn eigen dochter offert voor een hoger ideaal, dat is moreel onaanvaardbaar, in en in slecht. Hij had moeten zeggen: jammer voor jou, God, maar ik trek bij deze mijn belofte in, ik laat mijn dochter leven!
Zingen: Die chaos schiep
Het Bijbelverhaal opnieuw verteld (Rechters 11: 29-40)
Het staat er zonder omhaal van woorden en politiek incorrect: Jefta is zoon van zijn vader Gilead en: een hoer. Hij is een buitenechtelijk kind, dat door zijn halfbroers wordt weggejaagd. Hij zal niet erven, omdat hij de zoon is van een andere vrouw. Jefta begint een knokploeg met andere avonturiers. Als de Ammonieten een oorlog met Israël ontketenen, komen zijn halfbroers hem vragen of hij de strijd wil leiden. Hij zal dan aan het hoofd van de familie Gilead komen te staan.
Vechtersbaas Jefta voelt er wel voor. Voordat hij ten strijde trekt, bidt hij tot God en belooft Hem: ‘Als U de Ammonieten aan mij uitlevert en ik behouden terugkeer, dan zal de eerste die me vanuit mijn huis tegemoetkomt voor U zijn; die zal ik als brandoffer aan U opdragen.’
Hij wint de strijd.
Als hij terugkomt bij zijn huis in Mispa wordt hij met reidansen en trommelspel verwelkomd. Zijn dochter gaat voorop. Het is zijn enige kind, andere zonen of dochters had hij niet. Meteen als hij haar ziet aankomen, scheurt hij zijn kleren en roept uit: ‘Ach mijn kind, dat jij me deze slag moet toebrengen, dat juist jij het bent die me in het ongeluk stort! Ik heb de Eeuwige een gelofte gedaan en daar kan ik niet op terugkomen.’
‘U hebt de Eeuwige een gelofte gedaan, vader,’ antwoordt zij. ‘Nu Hij u gewroken heeft op uw vijanden, de Ammonieten, moet u met mij doen zoals u hebt beloofd. Maar dit wil ik nog vragen: gun me voordat u uw gelofte ten uitvoer brengt nog twee maanden tijd, zodat ik met mijn vriendinnen de bergen in kan trekken om erover te treuren dat ik nooit iemands vrouw zal zijn.’
‘Goed,’ zegt Jefta, en hij laat haar voor twee maanden de bergen in gaan om met haar vriendinnen om haar maagdelijkheid te treuren. Toen die twee maanden voorbij waren, keerde ze naar haar vader terug en hij bracht zijn gelofte ten uitvoer. Nooit had ze met een man geslapen. Sindsdien is het in Israël de gewoonte dat de jonge meisjes elk jaar vier dagen lang rouwklagen om Jefta’s dochter.
Zingen: Delf mijn gezicht op
Een brief van de dochter van Jefta aan haar vader
Hoe zal ik je noemen? Geloofsheld, zoals je later toch in de Hebreeën brief terecht bent gekomen? Pappa, omdat je ondanks alles mijn vader bent? Of chanteur, omdat je het op een akkoordje gooit met God? Van alles wat? En wie ben ik dan? De dochter van een aarts-manipulator. Gelukkig mijn vriendinnen die met mij feestvieren, mijn naam roepen, mijn vrouw-zijn bevestigen. Gelukkig ben ik de boeken ingegaan als een vrouw die herdacht wordt. Zonder naam, dat wel. Jij had een naam. Soms kan ik die niet meer horen. Er kleeft bloed aan jou. En wie ben ik dan? Was ik blijven leven, en dan de dochter van een oorlogsheld geworden? Was ik net zo’n man getrouwd als jij? Zijn gezinsleven offeren voor zijn carrière? Die alles voor zichzelf goed praat met ‘hoog salaris’? Ik werk er hard voor! Niet altijd thuis? ‘ik kan niet anders’! ik was niet veel meer dan jouw bezit. Ik vraag mij af of ik daar ooit onderuit had kunnen komen. Jij had zo graag zoons gehad, dan had je je een man getoond.
Toen ik hoorde dat je thuiskwam, danste ik de deur uit. Ik weet niet of het je is opgevallen maar ik zong niet. Niet zoals Mirjam bij de doorgang door de dode zee. Ik was altijd al op mijn hoede: ruige vrienden, veel drank, geen familie, weinig geborgenheid. Ook nu, de mare was je al vooruitgegaan. Ik hoorde je al van ver naar ons dorp komen. Dacht je dat ik niet wist waartoe jij in staat was? Dus toen jij met al je verwijten voor mij stond, hoe kon ik als eerste jou tegemoet komen, was ik voorbereid en had ik mijn besluit genomen. Weet je nog, hoe rustig ik bleef.
De geschiedenis gaat zijn eigen gang en de geschiedenis is wrang als het gaat om vrouwen. Het heeft twintig eeuwen geduurd voordat de degelijke huisvrouw tot sterke vrouw werd in het Bijbelboek Spreuken. Dat zegt genoeg. Wat had ik kunnen doen? Welk recht was mij gegund? Ja, toch wel eentje: baas in eigen buik. Dat recht. Dat, precies dat, wilde ik vieren met mijn vriendinnen, dat ik een vrouw ben en dat ik het leven geschonken zou kunnen hebben.
Ik ben een vrouw, naamloos en kinderloos, maar mijn vriendinnen kennen mij, bevestigen mijn bestaan en iedereen die de Bijbel leest, ziet mij. Niet verloren, maar geleefd – met opgeheven hoofd. Niet gezongen, wel gedanst
mijn vader is mijn naam vergeten,
mijn kind zal nooit geboren worden
hoe moet ik mij geborgen weten?
noem mij, bevestig mijn bestaan,
laat mijn naam zijn als een keten.
noem mij, noem mij, spreek mij aan,
o, noem mij bij mijn diepste naam.
Muziek: Jij mens, van Louise Korthals
Jij mens die met schepen de kust kan bereiken
Jij mens die met wapens een volk kan verslaan
Jij mens die met kassen de vruchten doet rijpen
Jij mens die een voet zet op aarde en maan
Jij mens die ooit kwam hier in God’s paradijzen
Die vis werd en aap werd en rechtop ging staan
Jij mens die met wetenschap licht kon bewijzen
Jij mens die kwam kijken met bijna, bijna niks aan
Jij mens die met wegen, sporen, kanalen
De weg graaft naar dorpen, naar stad en naar land
Jij mens die nooit stopt met bezitten vergaren
Jij mens die belooft en in waarheid verzandt
Jij mens die met borden de richting hier aangeeft
Jij mens die ontroostbaar het einde bestrijdt
Jij mens die ooit klein was en bang voor het donker
Waarom is jouw wreedheid tot alles, alles bereid?
Waarom wil je haten, verwoesten en moorden
Waarom ben jij zelf zoveel meer dan de rest
Waarom doen jouw daden mij snakken naar woorden
Waarom is jouw wil toch zo’n bloedmanifest?
Mens als je voor God speelt, als je zo graag voor God speelt
Doe dan in godsnaam je best!
Jij mens die met kunst zoveel leed kan verzachten
Jij mens die op zoek bent naar glans en naar kleur
Jij mens die toch grenzeloos door blijft verkrachten
En zo alle pracht doet vergaan in terreur Jij mens die met ratio levens kan redden
Jij mens die de liefde zo fel ambieert
Jij mens die het geld hebt voor hemelse bedden
En toch elke dag weer een slagveld, een slagveld creeërt
Waarom wil je haten, verwoesten en moorden
Waarom is jouw geloof zoveel beter dan best
Waarom doen jouw daden mij snakken naar woorden
Waarom is met zeeën jouw dorst niet gelest
Mens als je voor God speelt, als je zo graag voor God speelt
Doe dan in godsnaam je best!
Jij mens die wil maken en breken en maken
Jij mens die verblind werd door winnen en geld
Jij mens die de mensen tot schaakmat wil schaken
Jij mens die in wanhoop je muntstukken telt
Jij die onverklaarbaar met rotsen kon sjouwen
Jij mens die door vinding de zieken geneest
Jij mens die ontelbare bruggen kon bouwen
Waarom is er voor zachtheid geen plaats in jouw geest?
Als je ‘t lot wil bepalen mens, waarom zo’n zooi?
Hou toch eens op en maak het hier mooi
Wees dan toch groots voor jezelf en de rest
Maak van jouw wereld geen bloedmanifest
Mens als je voor God speelt, als je zo graag voor God speelt
O als je voor God speelt….
Doe dan in godsnaam je best!
(Louise Korthals)
Waarom staat dit vreselijke verhaal in de Bijbel?
Het verhaal over Jefta en zijn naamloze dochter is een vreselijk verhaal. Je kunt je met recht afvragen waarom zo’n verhaal eigenlijk in de Bijbel staat. De Bijbel is een boek vol verhalen over God en de mensen. En dat zijn niet alleen mooie verhalen die altijd goed aflopen. Integendeel. Soms laten de verhalen zien hoe het juist niet moet. Het verhaal over de dochter van Jefta is daarvan een duidelijk voorbeeld.
Om te beginnen: Jefta had zijn belofte nooit mogen doen. Sinds de poging van Abraham om zijn zoon Izaak te offeren zijn in de Joodse traditie mensenoffers namelijk verboden. Het is zelfs een gruwel in de ogen van de Eeuwige. Izaak wordt niet geofferd.
Zoals in de viering over Rispa, vorig jaar, speelt ook hier het verschil tussen Griekse mythen en Bijbelse verhalen een belangrijke rol. Dit verhaal doet bijna onbijbels aan en dat zit ‘m in het volgende. In Griekse tragedies staan mensen machteloos tegen de grillen van het lot of van de goden. In Bijbelse verhalen hebben mensen juist ruimte om te handelen, keuzes te maken en verantwoordelijkheid te dragen. In de Bijbel gaan mensen zelfs met God in discussie. Denk aan de paginalange woordenwisseling tussen God en Mozes, als Mozes wordt geroepen naar Egypte te gaan om het volk Israël te bevrijden uit de slavernij. Mensen, wij dus, zijn niet willoos of onmachtig. Of we altijd het goede doen is twee, één is dat wij principieel vrij zijn om onze eigen keuzes te maken.
In dit verhaal kiest Jefta ervoor om niet te kiezen. Daarmee stort hij zijn dochter en zichzelf in het ongeluk. Daar is hij zelf verantwoordelijk voor. Hij doet een ondoordachte, domme gelofte. Als het er op aan komt, vindt hij dat hij niet terug kan: een man, een man, een woord, een woord. Zo zorgt hij zelf voor de tragische afloop.
Als hij, in de goede Bijbelse traditie, de moed had gehad eigen verantwoordelijkheid te nemen, dan was zijn dochter gespaard gebleven. Als hij zijn Tora, zijn Joodse Bijbel, beter had gekend, zeggen rabbijnen, dan had hij geweten dat je een verkeerde gelofte af kunt kopen. Dat een ondoordacht woord gecorrigeerd mag en moet worden. Dat je kunt terugkeren op je schreden. Dat niemand het slachtoffer mag worden van te ver doorgevoerde principes.
De oplettende luisteraar heeft gemerkt dat in dit verhaal God afwezig is. Jefta verzint zijn gruwelijke belofte zelf, geen God die hem er om vraagt. Hij doet wat hij denkt dat God wil. Dat loopt vaak verkeerd af. God blijft in dit hele verhaal angstig stil, ook als het er om spant. Feministische theologe Phyllis Trible legt haar focus op wat er met de dochter gebeurt. En schrijft: ‘Mijn god, mijn god, waarom hebt gij haar verlaten?’ God heeft Jefta’s dochter aan haar lot overgelaten, slachtoffer van de grootspraak van haar bloedeigen vader. Het is de uiterste consequentie van de vrijheid van mensen.
Het verhaal over Jefta en zijn dochter leert ons: een mensenleven mag nooit geofferd worden op het altaar van onze principes. Dat is precies wat gebeurt in een totalitair systeem, politiek of godsdienstig. Dat is wat er gebeurt in de straten van Teheran, in de straten van Minneapolis. Daar worden mensen het slachtoffer van wat andere mensen tot onaantastbare waarheid verklaren. Dit verhaal kan ons helpen hier een scherp oog voor te houden.
Zingen: Het woord da ik u heden geef
Wat je belooft, moet je doen. Soms.
Bij het aangaan om het over belofte te hebben in deze viering dacht ik wel even hoe doe ik dat. Ik ben eerst maar eens gaan zoeken op internet en daar kwam ik van allerlei teksten tegen over dit onderwerp. Zoals veel spreuken en gezegdes, onder andere deze: “Gouden bergen beloven”. Of de volgende die ik niet kende: “Beloven en niet doen is als een uitgeknepen citroen”. Ook veel over de juridische kant van beloftes. Maar dat was niet wat echt bij me binnenkwam om aandacht aan te schenken.
Wel een volgende zin die aangeeft wat een belofte is: Een belofte is een toezegging iets te doen of te laten. Daar verder op door zoekend kwam ik een artikel tegen van een jonge vrouw, Laetitia, die onder de naam van “Miss Deadline” veel blogs schrijft over haar ervaringen in het leven en zo ook over dit onderwerp.
De titel sprak me direct aan.. “Belofte maakt schuldgevoel”. Hoe herkenbaar is dit, althans voor mij. Zij beschrijft hoe het voelt wanneer je een belofte doet en deze niet na kan komen om welke reden dan ook. Ook hoe zij er mee omgaat en mee heeft geworsteld om hier mee in het reine te komen. Hoe snel beloof je/ik niet iets om te doen of om bij iemand op bezoek te gaan. Maar nog vaker kom ik tot de ontdekking dat het me niet lukt om me aan die belofte te houden. Door wat dan ook, te druk, te moe, geen ruimte in mijn hoofd. Vaker nog weet ik niet eens precies waardoor het komt dat ik mijn belofte niet kan houden. Daar ga ik me dan schuldig onder voelen, of wat ik ook goed ken, laconiek of zelfs onverschillig. Een tijd kan ik doen of het me niets doet. Maar ook dat voelt uiteindelijk niet goed, want het gaat natuurlijk niet alleen om mij maar ook wat doet het met de ander als ik een belofte niet nakom.
Miss Deadline geeft een beschrijving hoe ze in de loop van de tijd geleerd heeft om beloftes meer als intentie te gaan zien. Ik citeer uit het artikel: “Maar zo langzamerhand leer ik om beloftes meer als intentie te gaan zien. En intentie is puur en eerlijk. Het is wat we op dat moment echt willen. Alleen: intentie is niet hetzelfde als garantie. De intentie om te bellen, te helpen, trouw te blijven, hoe oprecht ook, kan alsnog stranden. Dat maakt de intentie niet waardeloos. Het betekent alleen dat we als mens vrij en veranderlijk zijn. Dat maakt een belofte gelijk ook minder zwaar. De schuld, schaamte mag je naast je neerleggen wanneer je vooral naar de liefdevolle intentie van een belofte wil kijken.
Dit is geen vrijbrief voor het rondstrooien van beloftes om die net zo makkelijk weer in te trekken: dat zijn loze beloftes waaraan de pure intentie en oprechtheid ontbreekt. Met andere woorden: wat je belooft, moet je ook echt willen doen, dat is waar het om gaat. Dan kan nog steeds pijnlijk zijn als het niet lukt om een belofte na te komen, maar dat maakt je dan geen slecht mens. Het maakt je slechts mens. Dus ja, belofte maakt schuld en maar al te vaak een schuldgevoel. Maar wat als we dat schuldgevoel zouden vervangen door iets anders? Door eerlijkheid. Door inzicht. Door liefde. En uiteindelijk door vergeving. Want dan wordt een gebroken belofte niet het einde van vertrouwen, maar het begin van iets dat misschien wel veel echter is.. ” Einde citaat.
Muzikaal intermezzo
Wat zegt het verhaal ons vandaag?
Het verhaal van de dochter van Jefta zou vandaag “femicide” genoemd worden. Femicide betekent vrouwen of meisjes opzettelijk vermoorden door geweld.
Wat gebeurt er allemaal vandaag de dag, een paar voorbeelden:
- In augustus 2025 werd Lisa uit Abcoude op een verlaten fietspad om het leven gebracht door een man die ze niet kende.
- Op 17 oktober 2025 vindt een wurgaanval plaats op een vrouw, dader gevlucht.
- Op dezelfde dag was er een steekincident op een vrouw ook deze dader is gevlucht.
- In Nederland krijgt maar liefst een op de vijf vrouwen met partnergeweld te maken.
- Elke acht dagen sterft een vrouw door geweld.
- Elk jaar maken 13.000 slachtoffers in Nederland gebruik van de vrouwenopvang.
Kort na de grote mars tegen femicide in Utrecht stond dit gedicht in Trouw:
Help mijn smart naar Help mijn machteloosheid
een andere wereld, naar een hoger plan,
die van begrip, met saamhorigheid
aandacht en respect om een goede aanpak.
Help mijn pijn naar Help me, help me,
een andere dimensie, wie doet er mee?
die van troost, steun Het lijkt wel een zee
en mededogen. Waar niemand wat zegt.
Collecte voor Orange the world
Zingen: The Irish Blessing
De zegen mee
Mag het pad verlicht zijn om jou te ontmoeten,
mag je wind altijd mee hebben,
mag de zon warm op je gezicht schijnen,
mag de regen mild op je velden vallen
en tot we elkaar weerzien mag Hij/Zij je in zijn/haar handen houden,
mag God jou houden in de palm van Haar hand.
Colofon
Muziek:
Jij mens, door Louise Korthals
Collecte:
Bankrekening NL17 TRIO 0379 2541 15 t.n.v. Stichting OBA onder vermelding van collecte voor Orange the World


